Nieuwsbrief

 

 

NIEUWSBRIEF 2022

Receptenboek: De favoriete Spaghetti Bolognese van Marrit
Digitale nieuwsbrief juni 2022

Spaghetti Bolognese
 
150 gram winterpeen
2 stengels bleekselderij
30 gram boter
1 pakje prosciutto di parma (vleeswaren 75 gram), in reepjes
400 gram rundergehakt
1 ui, gesnipperd
1 teen knoflook, fijngesneden
50 ml volle, ronde rode wijn
1 blik gepelde tomaten (400 gram)
300 gram spaghetti
50 gram parmezaanse kaas
 
1 - Snijd de winterpeen in blokjes van ca. ½ cm (brunoise). Snijd de bleekselderij in de lengte en repen en deze in kleine stukjes.
2 - Verhit de boter in de braadpan. Bak de ham in 4 min. Voeg het gehakt toe en bak in 4 min rul en gaar. Neem het vlees met een schuimspaan uit de pan. Bak de winterpeen, bleekselderij, ui en knoflook 5 min in het achtergebleven vet. Voeg het vlees toe.
3 - Voeg de wijn en de tomaten toe. Laat de saus met de deksel schuin op de pan op laag vuur 1 uur zachtjes koken. Roer af en toe. Voeg een scheutje water toe als de saus te droog wordt. Breng op smaak met peper en zout.
4-  Kook de spaghetti volgens de aanwijzingen op de verpakking beetgaar. Giet de spaghetti af. Meng de pasta met de saus. Bestrooi met kaas en eet smakelijk!
 
 

Receptenboek: De befaamde stamppot prei sambal met Librije gehaktbal van Jorik
Digitale nieuwsbrief mei 2022

Nodig voor 3-4 personen: 
 
*1200 gram aardappelen
*1200 gram prei, gesneden
*500 gram spekjes
*2 grote uien
*Sambal brandal naar smaak (zelf te bepalen)
*Scheutje melk of een klontje (room)boter

Librije gehaktbal
*500 gram magere runder gehakt.
*2 beschuiten/of paneermeel
82 eieren
*2 EL Grove Zaanse mosterd
*2 EL Ketjap Manis
*1 TL Cayennepeper.

Gooi alle ingrediënten voor de gehaktbal in een kom en start met kneden. (pulver de beschuit) Laat de gehaktballen 30 min staan in de koelkast.

  1. Kook de aardappelen in een ruime hoeveelheid water, met daarop de gesneden prei. 
  2. Bak ondertussen de spekjes en laat ze uitlekken op een bord met keukenrol als ze klaar zijn.
  3. Bak vervolgens de uien totdat deze lichtbruin zijn. 
  4. Als de aardappelen gaar zijn kan je deze samen met de prei afgieten. Stamp de aardappelen fijn en door elkaar met de prei. Voeg vervolgens de spekjes en de uien toe. 
  5. Voeg tot slot een scheutje melk of een klontje (room)boter toe voor een romige smaak en een beetje sambal brandal voor een beetje pit in de stamppot! Begin met een of twee theelepeltjes en smeer dit over de bovenkant uit, om het vervolgens makkelijk te kunnen verdelen door de stamppot met de stamper. Nog niet genoeg pit? Dan kan er nog wat sambal bij in! 

 

Het exclusieve interview met collega Huub
Digitale nieusbrief april 2022

In deze nieuwsbrief een exclusief interview met onze collega Huub. Nog eventjes en dan mag hij van zijn welverdiende pensioen gaan genieten! Natuurlijk gunnen wij Huub het allerbeste en hopen we dat hij nog vele jaren kan genieten van al zijn andere interesses en hobby’s, maar tjonge, wat zullen we hem missen!

Omdat we Huub wat langer kennen dan vandaag hebben we het interview een beetje aangepast… hij mocht namelijk alleen maar met “ja” of “nee” op de vragen reageren… zo hebben we het interview een beetje compact en overzichtelijk gehouden voor de nieuwsbrief (sorry Huub). Maar natuurlijk kunnen jullie wel zijn uitgebreide toelichting en reactie bij alle vragen via de link hieronder lezen. De moeite waard trouwens! Ben je er klaar voor?

1. Ben jij Hubertus Johannes Jacobus Poppe, geboren op 16 november 1955? JA

2. Klopt het dat je binnenkort met pensioen gaat? JA

3. Vind je het fijn om met pensioen te gaan? JA

4. Als je geen fysiotherapie was gaan studeren, was je dan astronoom geworden? NEE

5. Heb je spijt dat je geen astronomie bent gaan studeren? NEE

6. Ga je het werken als fysiotherapeut missen? NEE

7. Ben je vaak van praktijk of werkplek/situatie veranderd? JA

8. Had jij achteraf gezien hier andere keuzes in willen maken? JA

9. Heb je spijt van bepaalde loopbaankeuzes? NEE

10. Ga jij het werken met patiënten missen? JA

11. En ga je een paar patiënten in het bijzonder missen? JA

12. Ben je goed in werk en privé gescheiden houden? JA

13. Kon je altijd het werk en alles wat daarbij kwam kijken op het werk laten? NEE

14. Heb je wel eens wakker gelegen van je werk? JA

15. Heb je dingen meegemaakt op je werk die je echt nooit meer zult vergeten? JA

16. Heb je studiegenoten/collega’s van vroeger waar je nog steeds contact mee hebt? NEE

17. Zou je een boek met memoires over je werk willen schrijven? JA

18. Ben je blij dat je nog ruim 2 jaar bij De Graven Esch gewerkt hebt? JA!!!!!

19. Zou je deze keuze opnieuw weer maken? JA!!!!

20. Ga je je collega’s van De Graven Esch missen? JA

21. Ga je het administratieve werk, vergaderingen, overleggen en al het andere papierwerk missen? NEE

22. Heb je al een invulling bedacht voor je leven als pensionado? JA

23. Is opa zijn de mooiste bijbaan die je kunt hebben? JA

24. Heb je je al ingeschreven voor een cursus “Thuisklussen voor gepensioneerden? “ NEE

25. Geldt de quote “Pensioen is een nieuw begin en dat betekent dat je een hoofdstuk sluit van je boek om het volgende hoofdstuk te kunnen beginnen” voor jou? JA

En de laatste vraag: “Wil je nog ergens op terugkomen” dat kun je hieronder lezen.
 

1. Ben jij Hubertus Johannes Jacobus Poppe, geboren op 16 november 1955? JA

Dat lijkt me duidelijk

2. Klopt het dat je binnenkort met pensioen gaat? JA

Ook dat is duidelijk

3. Vind je het fijn om met pensioen te gaan? JA

En ook dat behoeft geen toelichting

4. Als je geen fysiotherapie was gaan studeren, was je dan astronoom geworden? NEE

Ik vind het wel een hele leuke richting om mezelf in te verdiepen, de sterren, het heelal, de oneindigheid, maar geloof niet dat ik dat echt was gaan studeren.

5. Heb je spijt dat je geen astronomie bent gaan studeren? NEE

Nee hoor, ik kan mezelf heel goed in deze richting verdiepen en doe dat ook nog steeds.

6. Ga je het werken als fysiotherapeut missen? NEE

Nee hoor, het is klaar. Het is goed zo.

7. Ben je vaak van praktijk of werkplek/situatie veranderd? JA

Ja, dat klopt. Dat is nou eenmaal zo.

8. Had jij achteraf gezien hier andere keuzes in willen maken? JA

Het komt meer neer op de gedachte: “als ik dit van te voren had geweten, dan had ik dit niet zo gedaan. Maar ja, dat is altijd achteraf”

9. Heb je spijt van bepaalde loopbaankeuzes? NEE

Nee, ik heb nooit spijt. Niet meer, vroeger misschien wel, maar nu niet meer. Ik heb geleerd om in te zien dat dingen die je overkomen in situaties niet altijd negatief hoeven te zijn maar zelfs positief voor je kunnen uitpakken. En dat vind ik een hele mooie gedachte. Dat je op een moment zelf echt kunt denken; wat was dat vervelend… en dat je dan later, maanden later, of zelfs jaren later op de situatie terugkijkt en dan beseft: uiteindelijk heeft het me ontzettend veel opgeleverd, op heel andere manier dan ik had gedacht. En dat vind ik prettig, dat dat uiteindelijk zo is. Vandaar ook mijn antwoord op die andere vraag, Zou je dat anders gedaan hebben, andere keuzes gemaakt hebben? Nee dus, op dat moment was het gewoon zo, ik heb het zo gedaan en achteraf kun je dus zien dat het me echt wel wat opgeleverd en ben ik alleen maar heel blij dat het zo gegaan is. 

Ik heb een fantastische loopbaan gehad, heel veel gedaan, heel veel geleerd, heel veel patiënten gezien, heel veel collega’s, heel veel van het medische ook, wat ik zo interessant vind. Ik ben blij dat het geen studie werktuigbouwkunde is geworden… dat was ‘m niet geworden voor me.

Waarom de keuze voor fysiotherapie? Omdat mijn broer dat beslist heeft voor me…ik had me opgegeven voor HTS werktuigbouw, maar ook voor de studie fysiotherapie. Ik wilde graag met mensen werken, mensen beter maken. Ik stond op de wachtlijst voor de studie fysiotherapie en was op vakantie en toen werd mijn broer thuis gebeld door de opleiding. Er was een wachtlijst en opeens was er een plaatsje vrij gekomen. En toen heeft mijn broer gezegd:” Ja doe maar”. Gelukkig…

10. Ga jij het werken met patiënten missen? JA

Ja, het contact met de mensen. Ik bedoel niet alleen het fysiotherapeutische deel, maar juist het andere contact. Dat is een wezenlijk onderdeel van mijn leven geweest. Ik ben toch vaak 30-40 uur per week met mensen bezig geweest, over van alles en nog wat gehad… dat zal ik wel missen. Ik ga ook echt wel kijken hoe ik dat straks voor mezelf ga invullen. Ga ik bij een club? Ga ik dingen doen met anderen? Ik weet het nog niet. Maar nu eerst nog even niet. Ik ga eerst even genieten, ik ga ook even nog niks invullen. Ik heb geen idee. Er zijn zoveel dingen die ik nog zou willen doen… ik heb nog een hele stapel boeken liggen… er zijn ook nog dingen die ik wil doen… maar ik laat het eerst nog maar even een beetje gaan. Ik moet eerst  afkicken van het beroep, van het werkzame leven.

11. En ga je een paar patiënten in het bijzonder missen? JA

Ja, er zullen altijd patiënten zijn die je altijd bij blijven. Ik kan me zelfs patiënten herinneren van het begin van mijn carrière, van zo’n 40 jaar geleden. Ik weet de naam nog, het gezicht nog, de klacht nog.

Een voorbeeld: Er kwam een man met polsklachten. Hij vertelde dat hij al 15 jaar niet meer kon gitaarspelen vanwege zijn klachten. Die heb ik toen onderzocht en op de Mulligan manier (een specifieke manuele therapie) behandeld en na een paar keer kwam deze man zo ongelooflijk blij vertellen dat hij weer kon gitaarspelen. En dan dacht ik: hoe is het mogelijk? Dat je met zo’n ogenschijnlijk simpele handeling zo’n effect kunt hebben? Dat vind ik echt mooi, dat zijn echt de pareltjes die je dan meemaakt.

En zo kan ik wel meer voorbeelden geven.

12. Ben je goed in werk en privé gescheiden houden? JA

In die zin, ik vertel thuis nooit wat persoonlijks over patiënten, dat hou ik echt strikt gescheiden. Zelfs als ik iets bijzonders meemaak, vertel ik dat vrijwel nooit thuis. Vaak hou ik dat echt voor mezelf, omdat ik dat iets vindt van de patiënt zelf. Aan de andere kant is het wel goed om af en toe wat te delen. Je hebt wel eens dat een patiënt overlijdt, dat deel ik dan wel. Dat is ook goed, maar namen van mensen noem ik daar niet bij.

Ik twijfelde wel even over mijn antwoord op deze vraag, omdat je soms wel de spanning van het werk mee naar huis neemt. In die zin is het scheiden van werk en privé best wel heel lastig geweest ook.

En andersom, als er persoonlijk iets speelde… dan was het er het “masker” van de professional die je kon gebruiken, op de goede manier. Waar je je soms ook achter kon verschuilen. Dan ging  de knop om. Dan was je de professional die bezig was met zijn patiënt. Dat kostte soms best veel moeite, vooral als er thuis dingen speelden. Maar dat lukte altijd dan wel weer. En ja, soms was het ook fijn om met de problemen van een ander bezig te zijn, in plaats met je eigen sores. Dat is ook waarom ik de psychosomatiek zo interessant vindt. Door te luisteren en over problemen te praten kun je kijken of je een heel klein beetje kunt helpen of sturen… dat vind ik ook een wezenlijk onderdeel van mijn vak. Dat maakt het vak ook zo interessant voor mij en daar leer ik zelf ook weer van. Ik denk ook heel veel na over mijn vak en de mens. Dan heb ik vragen als: waarom wordt de ene mens nou wel ziek of krijgt klachten, en waarom de ander weer niet? Dit soort levensvragen heb ik mijn gehele carrière met me meegenomen. Heb hier ook cursussen over gedaan, gelezen… dat blijft mij ontzettend intrigeren. Dat doet het nog steeds. Dat is ook de reden dat ik bij de antroposofische vereniging ben gegaan, klassieke homeopathie ben gaan studeren. Ik blijf altijd op zoek naar antwoorden op existentiële levensvragen. Antwoord op die levensvragen is ook geen doel. De weg er naar toe is het doel, dat besef ik ook steeds beter. Daar ben ik nu ook nog mee bezig. Vaak alleen, en alhoewel het best fijn zou zijn om met andere gelijk denkenden daar eens van gedachten van te wisselen weet ik ook niet zo goed hoe ik dat dan weer voor me moet zien. Ik heb namelijk een bloedhekel aan verplichtingen.

13. Kon je altijd het werk en alles wat daarbij kwam kijken op het werk laten? NEE

Eigenlijk heb ik deze vraag zojuist beantwoord. Dat ging natuurlijk niet altijd.

14. Heb je wel eens wakker gelegen van je werk? JA

Van meerdere dingen. Sowieso de hele bureaucratie van de zorgverzekeraars, het wantrouwen van de zorgverzekeraars, de continue veranderende regels, de controles, de voorwaarden. Daar heb ik wel maagpijn van gehad. Van wakker gelegen ook.

En aan de andere kant ook wel eens van een niet prettige werksituatie. Onenigheid met collega’s. Dat heeft mij wel jaren bezig gehouden. Daar heb ik echt heel slecht van geslapen in die tijd.

15. Heb je dingen meegemaakt op je werk die je echt nooit meer zult vergeten? JA

Natuurlijk, je maakt ook hele persoonlijk dingen mee met patiënten. Bijvoorbeeld een situatie tijdens mijn stage tijd.

Ik liep stage in een verpleeghuis en kwam bij een man uit Amsterdam met een halfzijdige verlamming. Hoe een Amsterdammer in hemelsnaam in Hardenberg terecht is gekomen… maar goed, die man was gek van schaken. Ik kon wel schaken, dus het grootste deel van de therapie bestond uit schaken. Wat oefeningen en dan schaken. Op een gegeven moment had ik een zet gedaan en ik dacht; wat duurt het toch lang. Ik kijk op en de man zat met zijn ogen dicht en haalde opeens heel raar adem. We hebben de verpleegkundigen erbij gehaald, bleek dat die man een hele grote hersenbloeding op dat moment had. De volgende dag is hij overleden. Natuurlijk is dat een triest verhaal, maar hij is op dat moment overleden dat hij iets aan het doen was wat hij het liefste deed; schaken. Waarschijnlijk overdacht hij op dat moment nog zijn laatste meesterzet. Triest, maar ook mooi. Dat blijft je bij.

En ja, ik heb ook op de Intensive Care in een ziekenhuis gewerkt. Dan was het weekend voorbij en daar lagen ze met hun schotwonden, een auto ongeval door alcohol en steekwonden… hier in het ziekenhuis in Almelo. En dan altijd dezelfde namen van bepaalde families… Dan moest je er ook in de nacht uit, om te helpen op de afdeling.

16. Heb je studiegenoten van vroeger waar je nog steeds contact mee hebt? NEE

Studie genoten ben ik eigenlijk allemaal uit het oog verloren. We gingen altijd met drie jongen (studenten) in de auto naar Enschede naar de studie, maar uiteindelijk ging ieder weer zijns weegs… Ik heb achteraf het altijd wel jammer gevonden dat ik toen niet op kamers ben geweest. Dan had ik misschien wel meer binding met de andere studenten gehad. Jammer, ik had daar misschien achteraf gezien een andere keuze in gemaakt kunnen hebben, maar ja dat kun je niet meer terugdraaien. 

Ik heb nog wel steeds contact met een oud collega, René Scholten, die nu in Zuid Duitsland woont. Met hem heb ik destijds tot 1989 gewerkt in een praktijk in Almelo. Als ik hem op zoek is het nog steeds als thuiskomen voor me. Ik voel me daar thuis. We delen ook heel veel interesses. Ik heb ook wel eens voor hem waargenomen in Zuid Duitsland. Prachtig daar. 

En eigenlijk heb ik verder geen contact meer met oud collega’s. Weet je, als je weggaat bij een praktijk, dan kun je wel van alles beloven over nog een keer langskomen, maar eigenlijk moet je dat niet doen. Ga ik hier ook niet meer beloven, als je afscheid neemt is dat voorbij. 

De praktijk gaat verder en jij maakt daar dan geen onderdeel meer van uit. Is ook logisch. Is ook goed.

17. Zou je een boek met memoires over je werk willen schrijven? JA

Bij deze vraag twijfelde ik even. Het is eigenlijk JA en NEE. Als je dat zou doen, is het een gigantisch karwei. Ik zou dan alles willen beschrijven; de hele ontwikkeling van het vak, hoe ik me gevoeld heb tijdens die veranderingen en ontwikkelingen, maar ik zou ook over patiënten willen schrijven, over gezondheid en ziekten. Dat alles zou ik samenvatten onder mijn memoires, maar dat zou dan wel veel groter worden. En juist omdat het dan zo groot wordt, denk ik: begin er nou maar niet aan. Het moet juist kleiner worden als je dingen op gaat schrijven. Dat gaat ‘m dus niet worden. En ik denk ook wel, wie zit er op te wachten, op mijn memoires? Ik hou overigens wel voor mezelf een soort biografie bij op de computer. En het grappige is, dat ik merk dat ik de laatste jaren daar ook wat minder in opschrijf. (Hij lacht) Weet je, als je wat ouder wordt dan komt er ook een soort berusting over je. Ik heb niet meer zo de behoefte om alles op te schrijven. Je ziet dingen sneller, je begrijpt dingen sneller, je begrijpt patiënten sneller, je begrijpt de wereldpolitiek wat sneller als je daar wat in meegaat. Dat maakt je wat milder. Ik hoef niet overal meer tegen in te gaan, Vroeger maakte ik me veel drukker, kon gewoon de minister een brief schrijven. Dat heb ik niet meer.

Dus memoires? Neuh, doe maar niet.

18. Ben je blij dat je nog ruim 2 jaar bij De Graven Esch gewerkt hebt? JA!!!!!

Daar is geen twijfel over. Hoe kan ik dat in woorden onder brengen. Beter had het niet kunnen zijn. Zowel als collega’s, als werk, als sfeer. Geweldig.

19. Zou je deze keuze opnieuw weer maken? JA!!!!

Ja natuurlijk dus.

20. Ga je je collega’s van De Graven Esch missen? JA

Ja natuurlijk, maar ook daarbij geldt weer; het was mooi zoals het was. En dan slaan we de bladzijde weer om. De herinneringen blijven wel, daar probeer ik sowieso altijd een positieve draai aan te geven. Dat is dus meer een gevoel wat je meeneemt. En dat blijft…

21. Ga je het administratieve werk, vergaderingen, overleggen en al het andere papierwerk missen? NEE

Nou daar zijn we gauw klaar mee, nee natuurlijk.

22. Heb je al een invulling bedacht voor je leven als pensionado? JA

Ik heb zoveel invullingen! Natuurlijk het opa zijn, binnenkort komt er nog een kleinkind bij, daar gaan we ook oppassen. Ik heb stapels boeken liggen, ik klus graag, ik ga waarschijnlijk met de modelspoorbouw bezig… ik wil dan ook een heel landschap, een hele gemeenschap creëren. En ja, in de tuin werken, fotograferen… ik heb net een nieuwe camera gekocht. Misschien ga ik wel boerderijen in Twente fotograferen.

23. Is opa zijn de mooiste bijbaan die je kunt hebben? JA

Dat lijkt me duidelijk!

24. Heb je je al ingeschreven voor een cursus “Thuisklussen voor gepensioneerden? “ NEE

Nee joh, dat heb ik helemaal niet nodig. Ik merk wel dat ik nu veel meer de tijd heb om een klusje te doen. En dat doe ik graag. Omdat ik meer tijd heb, hoeft het ook niet even snel tussendoor. Dan ga je het ook beter doen.

Geldt de quote “Pensioen is een nieuw begin en dat betekent dat je een hoofdstuk sluit van je boek om het volgende hoofdstuk te kunnen beginnen” voor jou? JA

Ik hoef nergens meer op terug te komen verder, het is goed zo.

Was getekend, Huub

Receptenboek: De beroemde appeltaart van Annemarie
Digitale nieuwsbrief april 2022

Wat heb je nodig?
300 g bloem
150 g witte basterdsuiker
1 zakje vanillesuiker
200 g koude boter
1 ei
6 zoetzure appels
½ eetlepel kaneelpoeder (ik doe eigenlijk meer… op gevoel)
50 g kristalsuiker
75 g amandelschaafsel (ook iets meer… op gevoel)
100 g speculaasjes (waarschijnlijk ook iets meer… op gevoel)
½ pakje amandelspijs
En dan aan de slag!
In keukenmachine of met koele hand bloem, basterdsuiker, vanillesuiker, boter, helft van ei en mespunt zout mengen tot soepel deeg. Een derde deel van deeg in plasticfolie verpakken en in koelkast 30 min. laten opstijven. Rest van deeg in ingevette springvorm uitdrukken en vorm afgedekt met plasticfolie 20 min. in koelkast zetten. Oven voorverwarmen op 200 °C.
Appel met kaneelpoeder, kristalsuiker en amandelschaafsel omscheppen.
Speculaasjes in boterhamzakje doen en met deegroller tot kruim rollen. Kruim over deegbodem verdelen. Amandelspijs erboven verkruimelen (en een deel door het appelmengsel, je hebt toch genoeg).
Appelmengsel erover verdelen.
Rest van deeg op met bloem bestoven werkvlak uitrollen en in repen snijden. Repen in vlechtvorm op appelvulling leggen en randen aandrukken.
Deegrepen en randen bestrijken met rest van losgeklopt ei.
Taart in midden van oven in ca. 1 uur goudbruin bakken, eventueel laatste 15 min. taart met aluminiumfolie bedekken (om te voorkomen dat hij te donker wordt).
En zo simpel is het. Eet smakelijk!
 

Receptenboek: De oven geroosterde pompoenstamppot met kip van Maureen
Digitale nieuwsbrief maart 2022


Ingrediënten (voor 4 personen):
- 1 kilo (kruimige) aardappelen
- 300 gram winterpeen
- 2 rode uien
- 400 gram pompoenstukjes
- 400 gram kipfilet
- olie
- ras el hanout

1.           Verwarm de oven voor op 200°C
2.           Schil de aardappelen en snijd in stukken en kook gaar
3.           Schil ondertussen de winterpeen en snijd in blokjes
4.           Snijd de uien elk in 8 partjes
5.           Verdeel de winterpeen, ui en pompoenstukjes over een met bakpapier beklede bakplaat. 
               Besprenkel met olie en bestrooi met ras el hanout (ongeveer 1 eetlepel). Rooster de
               groenten in 10 minuten in het midden van de oven
6.           Kruid de kip naar wens. Verhit olie in de koekenpan en bak de kip bruin en gaar
7.           Giet de aardappelen af, laat iets kookvocht in de pan en stamp tot een grove puree.
8.           Haal de groenten uit de oven en schep door de puree. Breng eventueel op smaak met peper en zout.
9.           Serveer de stamppot met de kip.

Eet smakelijk!

Receptenboek: De lamsvlees met caponata van Erik
Digitale nieuwsbrief februari 2022


De dikke lende is een van de smaakvolste stukken van het lam. Het is niet duur en makkelijk te bereiden, maar het is minder bekend dan andere delen van het dier. Als je het lam gaat grillen, zorg dan dat de grill heel heet is – het vlees moet echt een beetje geschroeid worden. En net als al het lamsvlees kan het moeilijk snijden zijn als het te rood is, dus probeer het van binnen mooi rosé te krijgen.
 
Voor 4 personen:
4 dikke lende van lam
1 grote handvol rozemarijn, naalden fijngehakt
2 teentjes knoflook, in dunne plakjes
extra vergine olijfolie
zoutflakes en zwarte peper
4 porties caponata, voor erbij (zie volgend recept)
 
Haal het vel en overtollig vet van de stukken lamsvlees. Leg het vlees in een grote vershouddoos en strooi de gehakte rozemarijn en de plakjes knoflook erover. Schenk er zoveel olijfolie bij dat het vlees ermee bedekt wordt; draai het een paar keer om, leg het deksel op de doos en laat het vlees 1 nacht in de koelkast marineren.
 
Haal de volgende dag het vlees eruit en veeg de rozemarijn en de knoflook eraf. Bestrooi de stukken vlees met zout en peper. Gril ze in een heel hete grillpan zo’n 6 minuten per kant of tot het lamsvlees van buiten lekker bruin is, maar van binnen mooi rosé. Laat het vlees 5 minuten rusten, snijd het dan in dunne plakjes en leg de plakjes op de caponata.
  
Caponata 
Dit Siciliaans gerecht is een fantastisch bijgerecht voor elke maaltijd, en de intense rijke smaak doet denken aan het zonovergoten eiland waar het vandaan komt. Serveer de caponata op kamertemperatuur, niet zo heet als soep.
 
Voor 8-10 personen:
3 middelgrote aubergines
extra vergine olijfolie
6 stengels bleekselderij, van harde draden ontdaan en diagonaal in stukjes van 2 cm
2 rode uien, in smalle partjes
handvol kappertjes
zoutflakes en zwarte peper
1,5 kg tomaten, in vieren
3 teentjes knoflook
100 ml rode wijnazijn
30 gr kristalsuiker
handvol basilicumblaadjes, grof gescheurd
 
Haal de stelen van de aubergines en snijd de aubergines in stukjes van 3 cm. Verhit een grote paan met dikke bodem met 1 olijfolie en bak de stukjes in twee porties goudbruin Haal ze uit de olie en zet opzij.
 
Verwarm de oven op 160 graden/gasstand 3. Fruit in dezelfde pan in de olijfolie de bleekselderij, de uien ende kappertjes met een flinke snuf zout en peper. Haal als alles zacht en glanzend is (na ongeveer 10min) de groenten uit de pan en leg ze met de gebakken aubergines in een grote braadslee. Strooi de tomaten en de gehakte knoflook erover en schenk de rodewijnazijn erover. Voeg de suiker en wat peper toe,
 
Zet de groenten circa 1 uur of tot de tomaten wat vocht hebben verloren en bijna uit elkaar vallen in de voorverwarmde oven. Schep alles door elkaar.
 
Schep het basilicum er voorzichtig door. Serveer de caponata warm of op kamertemperatuur(nooit gloeiendheet).
 


Trainen met de Aquabag/Aquavest; een bijdrage van sportfysio Rutger
Digitale nieuwsbrief januari 2022


Sinds kort zijn er in de praktijk twee “waterzakken”, de Aquabag en het Aquavest. Dit wordt in de fysiotherapie erg veel gebruikt, daar zijn verschillende redenen voor.

Allereerst verbetert het gebruik van de Aquabag de spierkracht door het gewicht ervan.
Zo kan een patiënt squats uitvoeren met een Aquabag in zijn handen en met deze overload zijn bovenbenen en billen trainen. Dit wordt intramusculaire coördinatie genoemd.
Daarnaast zorgt de continue verplaatsing van het water voor een verbetering van de samenwerking tussen verschillende spiergroepen. Bij de squat geldt dat voor de bovenbenen en billen maar ook zeker van de romp. Dit wordt intermusculaire coördinatie genoemd.
Door de continu veranderende positie van de weerstand en inwerkende kracht is geen herhaling van de oefening hetzelfde. Net zoals dat binnen de sport ook geen beweging hetzelfde is.

De sportfysiotherapeut maakt tijdens het opstellen van het behandelplan een analyse van de sport van de patiënt waarin duidelijk wordt aan welke eisen de sporter tijdens trainingen en wedstrijden moet voldoen.
Dit kan bijvoorbeeld het inzetten van kopduels voor een spits zijn, verschillende schijnbewegingen voor een basketballer of het aantal tackles voor een rugbyspeler.
Aan de hand van de sportanalyse en de aard van de klachten worden oefenvormen gegeven die passen bij de fase van weefselherstel en zoveel mogelijk raakvlak hebben met het te bereiken doel.
Hiervoor zijn meestal zowel intramusculaire coördinatie als intermusculaire coördinatie vereist.

Doordat de watermassa continu in beweging is moet de patiënt zijn houding aanpassen om niet uit balans te raken. Mocht de sporter namelijk in een landing na een sprong wat naar rechts leunen wordt die richting versterkt door het stromende water.
Doordat het lichaam zich steeds weet aan te passen aan de veranderende inwerkende krachten worden bewegingen steeds robuuster en efficiënter. Omdat de sporter in zijn revalidatie veel oefenvormen heeft gedaan die herkenbaar zijn vanuit zijn sport is het efficiënte en robuuste beweegpatroon tijdens het sporten ook een beschermingsmechanisme voor recidief geworden.
 
Waarom struikelen kinderen?; een bijdrage van kinderfysio Aniek
Digitale nieusbrief januari 2022


Waarom struikelen kinderen?
Struikelen is iets wat ons als volwassenen ook nog geregeld overkomt. We struikelen over een scheve stoeptegel of verstappen ons bij een afstapje. Bij kinderen kan dit echter veel vaker voorkomen. Kinderen die geregeld struikelen en soms over hun eigen voeten vallen. Wat is hier het probleem?
Het is niet voor niks een spreekwoord: ‘met vallen en opstaan’. Ontwikkelen doe je door fouten te maken, te leren en het een volgende keer anders te doen. Zo word je vanzelf beter in een bepaalde taak en kom je verder in je ontwikkeling. Dit is voor motoriek niet anders. Als je leert lopen dan gaat dat vaak gepaard met veel vallen.
Het vallen kan komen door moeite met balans, moeite met stoppen, moeite met volhouden van de taak (kracht) of plaatsen van je voeten op de onderlaag.
Doordat kinderen geregeld vallen en dit oefenen leren ze zichzelf ook opvangen. Vallen is dus een cruciaal punt van de motorische ontwikkeling. Als je je niet leert opvangen en dus niet weet hoe je je val moet breken, zien we dat kinderen zich serieus kunnen bezeren. Er is natuurlijk een grens in hoeverre je een kind moet behoeden om te vallen, echter is beide nodig om zelfstandig te worden.
Kinderen kunnen op verschillende manieren ‘struikelen’ over hun voeten. Als ze hun voeten niet goed optillen zien we dat kinderen snel struikelen. Ook zien we dat kinderen soms met hun voeten naar binnen lopen. Dit heeft deels met de groei en de anatomie van het ontwikkelde lijf te maken. Soms zien we ook dat er sprake is van problemen rond de heupen of een spierprobleem.
Wanneer kinderen buitensporig veel struikelen, de hele dag door, struikelen om niks, is het verstandig om dit bij het consultatiebureau aan te geven of zelf naar een kinderfysiotherapeut te stappen. Samen kunnen we kijken of het probleem een spier-, motoriek-, of een anatomisch probleem is.
Soms wordt er aanvullend een foto aangevraagd via de huisarts. Dit om te bekijken hoe de botten in elkaar zitten. Dit wordt vaak meer ter uitsluiting van ernstige problemen gedaan. Wanneer hier niks uitkomt blijven spierprobleem of motorisch probleem over. Soms is het niet slechts één van de twee maar is het een combinatie van beide. Gestart kan dan met spierversterkende en/of evenwicht verbeterende oefeningen.

Receptenboek: De pasta-kaas-ovengroenten van Jenneke
Digitale nieuwsbrief januari 2022


Wat een eer, van Annemarie mag ik de spits afbijten (letterlijk en figuurlijk)
Dit recept heb ik voor het eerst gemaakt, nadat een vriendin begon over “macaroni and cheese”.
Regelmatig zag ik haar dit (kant en klaar) eten. Uiteindelijk ben ik opzoek gegaan naar een vers en gezondere variant.
Omdat wij thuis van veel groente houden en enkelen van ons geen vlees eten, is dit vegetarische recept iets dat regelmatig bij ons op tafel verschijnt.
Het klaarmaken is ook erg eenvoudig en lekker ontspannend na een dag werken.
Pasta – kaas – ovengroenten
Ingrediënten (voor ongeveer 4 personen):
*             olijfolie
*             pasta
*             lekker veel (verse) tijm
*             eventueel peper (voor de liefhebber)
1             bos wortelen (deze in de lengte halveren en gelijke stukken snijden)
1             ui (grof gesneden)
1             aubergine (in blokjes)
1             courgette (in blokjes)
1             groene paprika (in stukjes)
1             rode paprika (in stukjes)
1             gele paprika (in stukjes)
*             voor de liefhebber enkele hele tenen knoflook
200g      geraspte belegen kaas
125ml    zure room

Er kan natuurlijk altijd meer groente bij (bv. cherry tomaatjes, bosuitjes, bleekselderij, enz.), dit ligt aan de grote van de bakplaat van de oven en natuurlijk welke groente je zelf graag eet.
Kies een pasta die je zelf lekker vindt en kook deze beetgaar.
Wij eten altijd wat minder pasta en wat meer groenten, dus qua hoeveelheid kun je dit zelf het best afmeten.
Bereiding:
Verwarm de oven voor op 220°C
(in totaal zal alle groenten ongeveer 20 à 30 minuten in de oven garen)
Pak de bakplaat en verdeel een dunne laag olijfolie gelijkmatig.
Begin met het schoonmaken en snijden van de wortels en leg deze op de bakplaat.
Doe de bakplaat met de gesneden wortelen in de voorverwarmde oven.
Vervolgens alle groenten (in volgorde van de ingrediëntenlijst) stuk voor stuk schoonmaken en snijden en elke keer toevoegen aan de vorige laag. (immers wortelen moeten veel langer garen dan bv paprika)
Ondertussen het water opzetten voor de pasta.
Elke keer na het toevoegen van de volgende groente, deze goed omscheppen, zodat het gelijkmatig gaart.
Als de courgette in de oven gaat, dan ook lekker veel tijm (2 à  3 eetlepels) toevoegen en weer omscheppen.
Pasta in de pan doen en beetgaar koken.
Nog even de paprika’s schoonmaken en snijden en als laatste toevoegen.
De pasta afgieten (3 eetlepels kookvocht opvangen). Vermeng de zure room, kaas en kookvocht met de pasta.
Verdeel de pasta over de borden en schep er de ovengroenten over.
Eet smakelijk.

WHATSAPP

Voor zaken, vragen of dingen die niet kunnen wachten tot de volgende dag zijn we ook 's avonds en in het weekend bereikbaar!
Alleen voor de WhatsApp: 06-83666132